Open datasets Burgemeestersconvenant

De datasets

Welke info vind je in de datasets?

De datasets totale CO2-uitstoot en totaal energieverbruik bevatten inschattingen van de CO2-uitstoot/het energieverbruik voor alle Vlaamse gemeenten vanaf 2011 t.e.m. 2017. De data is opgenomen per jaar, per gemeente, per sector en per energiedrager.

Elke rij in de datasets geeft een inschatting van de CO2-uitstoot/het energieverbruik voor één sector en één energiebron en heeft betrekking op één volledig kalenderjaar en het grondgebied van één gemeente (gedefinieerd door een NIS-code). Elke rij bevat:

  • Een inschatting van de CO2-uitstoot/het energieverbruik

  • Een sector: openbare verlichting, huishoudens, tertiair, industrie niet-ETS, landbouw, particulier en commercieel vervoer, openbaar vervoer, eigen vloot, eigen gebouwen, eigen openbare verlichting

  • Een energiedrager: elektriciteit, warmte, aardgas, vloeibaar gas, stookolie, diesel, benzine, bruinkool, steenkool, andere fossiele brandstoffen, plantaardige oliën, biobrandstof, overige biomassa, zonthermische energie, geothermische energie

  • Een jaartal: 2011, 2012, 2013, 2014, 2015, 2016, 2017

  • Een NIS-code

  • Een gemeentenaam

  • Een indicatie van de betrouwbaarheid (1, 2, 3) en de randvoorwaarden voor gebruik/interpretatie van de gemaakte inschatting

De dataset lokale energie emissiefactor (EF) bevat de CO2-emissiefactor (EF) voor elektriciteit en warmte voor alle Vlaamse gemeenten vanaf 2011 tot en met 2017. Elke rij bevat, naast de inschatting van de emissiefactor (in ton CO2 uitstoot per MWh) zelf, dus een type (elektriciteit, warmte), een jaartal (2011, 2012, 2013, 2014, 2015, 2016, 2017), een NIS-code, een gemeentenaam.

De dataset lokale energie input in MWh bevat het energieverbruik per energiedrager en per installatietype voor de lokale productie van elektriciteit en warmte en dit voor alle Vlaamse gemeenten vanaf 2011 tot en met 2017. Deze dataset bevat dus de hoeveelheid energie (brandstof) die verbruikt wordt om de hoeveelheid lokale energie (elektriciteit, warmte) te produceren zoals gerapporteerd in de dataset lokale energie productie in MWh.  Elke rij in deze dataset geeft een inschatting van het energieverbruik per energiedrager en heeft betrekking op één volledig kalenderjaar en het grondgebied van één gemeente (gedefinieerd door een NIS-code). Elke rij bevat, naast de inschatting van het energieverbruik, dus ook het type energie dat geproduceerd wordt (elektriciteit, warmte), het installatietype (fotovoltaïsche energie, geothermische energie, zonthermische energie, overige, warmtekrachtkoppeling, waterkracht, windkracht, stadsverwarmingsinstallatie(s)), een energiedrager (aardgas, afval, andere, andere biomassa, andere hernieuwbare energie, bruinkool, fossiele elektriciteitsproductie, fossiele warmteproductie, geothermische energie, hernieuwbare elektriciteitsproductie, hernieuwbare warmteproductie, plantaardige olie, steenkool, stookolie, vloeibaar gas),, een jaartal (2011, 2012, 2013, 2014, 2015, 2016, 2017), een NIS-code, een gemeentenaam.

De dataset lokale energie productie in MWh bevat de lokale productie van elektriciteit en warmte voor alle Vlaamse gemeenten vanaf 2011 tot en met 2017. Elke rij in deze dataset geeft een inschatting van de lokale productie van elektriciteit of warmte voor een specifiek installatietype en heeft betrekking op één volledig kalenderjaar en het grondgebied van één gemeente (gedefinieerd door een NIS-code). Elke rij bevat, naast de inschatting van de lokale productie, dus ook het type energie dat geproduceerd wordt (elektriciteit, warmte), het installatietype (fotovoltaïsche energie, geothermische energie, zonthermische energie, overige, warmtekrachtkoppeling, waterkracht, windkracht, stadsverwarmingsinstallatie(s)), de herkomst (hernieuwbaar, fossiel), een jaartal (2011, 2012, 2013, 2014, 2015, 2016, 2017), een NIS-code, een gemeentenaam.

Belangrijk: houd bij het openen en importeren van de open datasets rekening met de tekencodering. De tekencodering kan ervoor zorgen dat sommige karakters niet juist worden weergegeven of het bestand eerst geconverteerd moet worden. In het CSV bestand wordt gebruik gemaakt van de ANSI-tekencodering. De kolommen worden gescheiden door een komma en de “.” notatie is een decimaal punt. Er wordt geen scheiding voor duizendtallen toegepast.

Wat betekent de indicatie van de betrouwbaarheid (1, 2 of 3)?

De betrouwbaarheidsindicator maakt een onderscheid tussen drie niveaus. Elk niveau geeft aan in welke mate de inschattingen kunnen gebruikt worden voor monitoring van lokale trends en impact van lokale beleidsmaatregelen.

Betrouwbaarheidsindicator niveau 1:

  • het cijfer is afgeleid uit lokale metingen/tellingen;

  • het cijfer is een nauwkeurige weerspiegeling van de lokale werkelijkheid;

  • de evolutie van het cijfer over de jaren heen laat toe om de impact van lokale inspanningen op te volgen.

Betrouwbaarheidsindicator niveau 2:

  • het cijfer is afgeleid uit een combinatie van lokale metingen/tellingen en niet-lokale (Vlaamse) gegevens/parameters;

  • het cijfer is een minder nauwkeurige weerspiegeling van de lokale werkelijkheid;

  • de evolutie van het cijfer over de jaren heen staat desalniettemin toe een trend af te leiden en deze te koppelen aan lokale inspanningen.

Betrouwbaarheidsindicator niveau 3:

  • het cijfer is afgeleid van niet-lokale (Vlaamse) gegevens/parameters;

  • het cijfer is geen nauwkeurige weerspiegeling van de lokale werkelijkheid – of hooguit toevallig;

  • de evolutie van het cijfer over de jaren heen volgt de Vlaamse trend en is niet toe te wijzen aan lokale inspanningen.

Hoe, waarom en door wie werd de dataset opgesteld?

Deze dataset werd aangemaakt door de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek (VITO) in opdracht van de Vlaamse Overheid - Departement Omgeving . Met deze dataset wil de Vlaamse Overheid gemeenten en steden in Vlaanderen ondersteunen bij de opmaak van een inventaris van het jaarlijkse energieverbruik en de gerelateerde CO2-uitstoot, overeenkomstig de rapporteringsverplichtingen in het kader van het Europese Burgemeestersconvenant. Het open format is gemakkelijk bruikbaar voor provincies in cijfers en derde partijen.

In het algemeen kan gesteld worden dat de CO2-uitstoot per sector berekend wordt op basis van een activiteit en emissiefactor. De activiteitsdata zijn meestal de brandstofverbruiken, elektriciteits- en warmteverbruiken. Het verbruik van aardgas en elektriciteit wordt jaarlijks, per sector en per gemeente, aangeleverd door de distributienetbeheerders. Het verbruik van de andere energiedragers wordt ingeschat op basis van gegevens die aangeleverd worden door de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM), het Vlaamse Energie Agentschap (VEA), het departement Mobiliteit en Openbare Werken (MOW), het departement Omgeving, de Studiedienst van de Vlaamse Regering, de Lijn en de Vlaamse Instelling voor Technologisch Onderzoek.

De lokale productie van elektriciteit uit wind, PV en waterkracht werd ingeschat door de totale productie in Vlaanderen uit de Inventaris Hernieuwbare Energie voor Vlaanderen (https://emis.vito.be/nl/artikel/inventaris-hernieuwbare-energie-en-warmtekrachtkoppeling) te herschalen naar de gemeenten a rato van het geïnstalleerd vermogen. Het Vlaams Energie Agentschap (VEA) publiceert op regelmatige basis een overzicht van de geïnstalleerde vermogens per gemeente (https://www.energiesparen.be/energiekaart/cijfers).

De energieproductie door WKK-installaties en overige installaties werd ingeschat op basis van het vermogen van deze installaties. Het VEA publiceert op regelmatige basis een overzicht van de geïnstalleerde vermogens (https://www.energiesparen.be/energiekaart/cijfers). Er werd een inschatting gemaakt van de warmteproductie en elektriciteitsproductie op basis van een gemiddeld rendement en aantal draaiuren per type installatie (bv. WKK interne verbrandingsmotor op gas). In de dataset zijn niet meegenomen: energieproductie-installaties die buiten scope van het burgemeestersconvenant vallen (> 20 MW; ETS), afvalverbrandingsovens en stadsverwarming.

Raadpleeg de handleiding van de CO2-inventaris (pdf, 4.3MB) voor een meer gedetailleerde toelichting van de achterliggende data en de methodologie die wordt toegepast voor de inschatting van het energieverbruik en de CO2-uitstoot.  Voor een meer gedetailleerde toelichting van de achterliggende data en de methodologie die wordt toegepast voor de inschatting van de lokale productie van elektriciteit en warmte verwijzen we naar de handleiding CO2-inventaris die beschikbaar is via: http://www.burgemeestersconvenant.be/co2-inventarissen.” (p. 10 – 12; p. 44 - 46)